Brieven aan mama #7 – Negen maanden zonder jou

Lieve mama,

Ik schreef je al een tijdje niet meer. Er is met andere woorden niet veel veranderd. Ook toen je leefde, belde ik bijlange niet vaak genoeg. Ik had wel dingen te vertellen, maar ’s avonds was ik druk of moe en vergat ik je. Zo gaat het met moeders: als ze dood zijn, wou je dat je vaker had gebeld. Maar hoe vaak gebeurde het niet dat we overdag, allebei vanop het werk, naar elkaar zaten te mailen.

Onze voorlaatste mailconversatie ging zo:

Sorry dat ik weer niet gebeld heb deze week. Maar ja, jij hebt ook niet gebeld hé, dus misschien vind je het niet eens zo erg 🙂
Eigenlijk wel. Ik bel niet zelf omdat ik jullie niet te veel wil storen. Maar misschien moet ik dat toch maar beginnen doen, anders hoor ik je toch niet. Tja, wat zeggen ze ook alweer van uit het oog….  🙁

Negen maanden is het nu. Negen maanden sinds je stierf. We zitten nog steeds pal in het eerste jaar vol eerste keren. Voor sommige dingen is het nog steeds véél te vroeg. Andere lukken al iets beter.

Ik ben iemand wiens moeder dood is

“Yesterday, while I was brushing my teeth, I raised my face to the mirror and unexpectedly saw myself. And I thought: I am becoming someone whose mother is dead.
Then a cool sadness flooded me. It was true. I was getting used to her being dead. My mother was gone. And I: letting her go.”

(The long goodbye – Meghan O’Rourke)

Ik markeerde dit toen ik het boek enkele geleden maanden las. Ik was daar nog niet, maar vond het idee interessant. Sindsdien heb ik er vaak aan moeten denken.

Ik was in gesprek met een oude kennis van M.. Het ging erover dat ze tegenover haar moeder woonde en dat gemakkelijk vond. Toen vroeg ze waar mijn ouders woonden. Ik heb die vraag al tig keren gekregen sinds ik in Antwerpen woon, en dat is nu toch ook al bijna 9 jaar. Maar dit was de eerste keer dat ik het antwoord ‘in West-Vlaanderen, in een dorpje bij Brugge’ op automatische piloot uitsprak, terwijl ik dacht: ‘Daar woont mijn vader, niet mijn ouders. Mijn moeder is dood. Ik mis haar verschrikkelijk.’ Eigenlijk wil ik op zo’n moment liefst van al uitspreken dat je dood bent. Maar ik wil die gesprekspartner die ik vijf minuten daarvoor heb ontmoet niet belasten met mijn zwaar gemoed. Dus laat ik het hangen: mijn ouders wonen in Brugge.

En dan besef ik: ik ben iemand aan het worden wiens moeder dood is.

Paasmaandag

Maar op andere momenten is het verdriet net zo hard als op de eerste dag. Op de eerste Paasmaandag zonder jou zag ik je overal. Ik zag je lopen tussen de paaslelies van Magda. Ik zag je broodjes smeren in de keuken (waar ik bewust probeerde weg te blijven, omdat we vroeger altijd samen broodjes smeerden op Paasmaandag. Dat was traditie). Ik zag je toen ik mijn tantes vertederd tegen hun kleinkinderen zag praten, en er geen oma was die dat tegen mijn kinderen deed. Ik zag je tussen je broers zitten op het terras in de eerste lentezon, luid lachend en met volle teugen genietend van je familie. Je was altijd in je nopjes, daar op Paasmaandag, tussen je broers en zus. Je genoot er zo van.

Op zo’n momenten ben ik iemand die nog maar net haar moeder heeft moeten afgeven en heel hard probeert om dat een plaats te geven, maar dat niet kan, omdat het verdriet te groot en te echt is. Op zo’n momenten doet mijn hart pijn, letterlijk. Op zo’n momenten kan ik niet geloven, niet aanvaarden, dat je er echt niet meer bij bent, en dat wij dat nu voor altijd zonder jou moeten doen, daar op Paasmaandag. Dat er nu nooit meer iemand op ons het meeste trots zal zijn. Dat nu nooit meer iemand mijn kinderen de schoonste van alle kleinkinderen zal vinden. Dat er nu nooit meer iemand is om naast te gaan zitten wanneer de drukte van al die familie me even te veel wordt en ik gewoon even rustig bij mijn mama wil gaan zitten. Dat je nu nooit meer zal stralen tussen je familie en je paaslelies en je kinderen en kleinkinderen. Dat dat voor altijd weg is.

Jonge snaak

Op andere momenten voel ik je aanwezigheid, maar is de pijn veel minder. Met Pasen zijn we op weekend geweest, al je kindjes samen. Mama, je zou er zo van genoten hebben om Martha en Lore samen te zien spelen en lachen. Twee handen op één buik, die nichtjes. Ongelooflijk hoe dol ze op elkaar zijn. Ik weet dat we dan allemaal zo hard aan je denken, dat het is alsof je er tóch gewoon bij bent. Soms hoor ik mezelf iets zeggen, en klinkt mijn stem als de jouwe. Vannacht had Thomas 39,5°. Ik gaf hem een suppo en een fles en hoorde mezelf zeggen: “Kom hier, jonge snaak”. Dat zijn niet mijn woorden. Ik zou zoiets nooit zeggen. Wanneer ik Martha’s haartjes streel, is het alsof ik jou ben, die mijn haartjes streelt. Ik kan me nog zo levendig voorstellen dat ik bij jou in de zetel lig te knuffelen, dat het soms lijkt alsof je helemaal niet weg bent.

Moederdag

Straks is het Moederdag, mama. De eerste zonder jou. Ik krijg het nu al moeilijk. Overal waar ik kijk, schreeuwen ze het naar mijn kop: Moederdag. Uw moeder is dood. Moederdag. Uw moeder is dood. Het belooft opnieuw een moeilijk moment te worden. Ik ben zelf wel mama, maar mijn kinderen zijn te klein om me in de watten te leggen, en M. zegt steevast dat ik zijn moeder niet ben (al is Moederdag de enige dag van het jaar waarop hij daarvan overtuigd is.)

Daarna wordt het Pinksteren, de dag dat je beslissing definitief werd. De komende maanden zitten vol trieste verjaardagen. Intussen gaan we verder met het leven, en eigenlijk lukt het best. Soms staan we stil, en soms razen we door, en jij bent er altijd bij. Ik mis je mama, ik mis je elke dag. Ik wou dat je me kon zien, dat je trots op me kon zijn. En dat je trots zou zijn, dat weet ik zeker.

7 gedachten over “Brieven aan mama #7 – Negen maanden zonder jou

  1. Lies

    Waw, komt wel binnen. Zo herkenbaar ook. Had ik mama maar meer gebeld toen ze er nog was.
    En met wat je schrijft over iemand worden wiens moeder dood is, daar zit ik ook heel erg mee de laatste dagen. Had er een blogpost over geschreven maar heb hem nog niet durven publiceren. Misschien dat ik dat toch nog maar doe.

    Reageren
    1. Sofie Bericht auteur

      Ik wil het alvast heel graag lezen. Ik worstel enorm met het idee en ben erg benieuwd naar hoe jij het ervaart.

      Reageren
  2. Mrs Brubeck

    Lieve Sofie, ik weet als geen ander wat je doormaakt. Je beschrijft het zo mooi en puur!
    Uiteraard is je mama trots op jou en je kids, ze leeft verder in julllie. Aan die gedachte trek ik me op als ik naar mijn kinderen kijk!
    Liefs!

    Reageren
    1. Sofie Bericht auteur

      Bedankt voor je lieve reactie, Mrs. B. Ik weet dat je weet wat het is. Op één of andere manier biedt het troost dat lotgenoten meelezen.

      Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *